In de ban van de bloesem

Reisjournalist: Nicolas Chartier
Deze reisreportage verscheen in: Genieten

Éen keer per jaar raakt Japan in de ban van de bloesem. De anders zo beheerste Japanners laten dan voor heel even de teugels vieren en trekken er massaal op uit om te genieten van de vluchtige schoonheid van de kersenbloesems. Genieten genoot mee, en leerde zo een ander Japan kennen.

“Kan ik jullie soms ergens mee helpen?” Een strak in het pak gehesen Engelse zakenman

heeft de lichte paniek in onze stemmen bespeurd terwijl we de zoveelste plattegrond trachten te ontcijferen. Ik meen even een grijns over zijn sympathieke gezicht te zien flikkeren, maar zet mijn trots opzij en leg hem uit dat we maar niet wijs geraken uit de Japanse plattegronden. Ze lijken ons telkens een andere richting uit te sturen. De man wijst er ons vriendelijk op dat Japanners hun kaarten niet consequent naar het noorden oriënteren, maar lukraak in een wandelrichting. Dus dáárom lopen we hier de hele tijd verloren! Gelukkig verandert de man als een echte gentleman van onderwerp, en vraagt ons naar het doel van onze reis. “Nou, dan hebben jullie geluk! Vandaag zijn de meeste kersenbloesems hier in Kyoto voor het eerst volledig opengebloeid. In mijn wijk, hier amper tien minuten vandaan, zijn ze nog maar voor ongeveer 80 % geopend.”

Sakura

De botanische kennis van de man verbaast me allerminst. Heel Japan is nu al maanden in de ban van de sakura, de Japanse naam voor de gevoelige kersenbloesem die maximaal tien dagen per jaar in volle glorie te bewonderen valt. Al van in januari voorspellen alle lokale en nationale kranten, radio- en tv-zenders dagelijks en met toenemende nervositeit het verloop van de sakurasenzen, het kersenbloesemfront, dat van Okinawa in het subtropische zuiden optrekt naar het koude noorden van Hokkaido. Jaarlijks bereikt de bloesemhysterie een eerste hoogtepunt wanneer de bloem eind maart haar kopje opsteekt in Kyoto. Met zijn 1700 tempels, honderden heiligdommen en 17 UNESCO-sites vormt de vroegere hoofdstad van Japan dan de perfecte achtergrond voor duizenden Japanse bloesemfans. Het is dan ook een drukte van jewelste wanneer we na de nodige aanwijzingen eindelijk het Filosofenpad bereiken. Dit romantische voetgangerswegje is een beroemde bloesemspot. Het loopt langs een klein kanaal omzoomd met kerselaars en verbindt de rustige Nazenjiwijk met het Zilveren Paviljoen, een van de grootste heiligdommen in de stad. Het pad dankt zijn naam aan de filosoof Nishida Kitaro, die hier in de eerste helft van de vorige eeuw graag mediteerde terwijl hij naar de universiteit van Kyoto wandelde.

Veel mediteren zullen we hier vandaag echter niet doen. De weg wordt immers overspoeld door vrolijk kakelende Japanse gezinnen. Om de paar meter verwelkomen geïmproviseerde standjes hen op allerlei zoetigheden, terwijl boeddhistische nonnen her en der de dorstigen laven met groene thee. Het kersenbloesemijs heeft zonder meer de grootste aftrek. Wanneer ik halfweg het pad een fotogeniek brugje ontdek, moet ik het plekje delen met tien andere amateurfotografen wier lenzen de beste paparazzi met verstomming zouden slaan. Ik schiet snel een paar kiekjes en maak me uit de voeten, weg van de drukte. We besluiten wijselijk de plattegronden te laten voor wat ze zijn en duiken het indrukwekkend stipte metronetwerk in.

Kort maar intens

Ook in Maruyama Park, de populairste bloesemspot van Kyoto, kunnen we over koppen lopen. Aan de ingang van het park is het zelfs letterlijk aanschuiven. Gelukkig valt er meer dan voldoende te zien. Het hele park lijkt immers volgestouwd met eetstandjes, het ene al kleuriger dan het andere. Vreemde, niet meteen thuis te brengen

geuren brengen onze avontuurlijke smaakpapillen op hol. We herkennen geroosterde bamboe, gerookte vis of gemarineerde kip op een stokje en natuurlijk het obligate sakura-ijs, maar bij vele standjes hebben we het raden naar wat er nu juist wordt aangeboden. Vast staat dat het allemaal gretig over de toonbank gaat. Wie dacht dat Japanners sobere asceten waren, moet ik teleurstellen: als ware bourgondiërs eten ze graag zo veel mogelijk verschillende dingen, en liefst allemaal tegelijk. Als toerist krijg je dat echter zelden te zien, omdat deze feestelijke maaltijden gewoonlijk in huiselijke kring plaatsvinden. Een keer per jaar laat de Japanner zijn ernstige, openbare masker evenwel vallen om onder de kersenbloesems te genieten van uitgebreide picknicks.

Dit gebruik ontstond in de achtste eeuw, toen het keizerlijke hof naar het voorbeeld van China dichters, zangers en andere aristocraten onder de bloesems verzamelde. Men genoot er van de pracht van de bloesems en filosofeerde er over hun bijzonder korte bestaan, dat werd aanzien als een metafoor voor de vluchtigheid van het leven. Toen generaal Toyotomi Hideyoshi Japan honderden jaren later verenigde, organiseerde hij in heel het land Hanami of ‘bloemenkijkfeestjes’ met soms tot 1500 deelnemers. De kersenbloesem, maar vooral de daarbij horende hanami, veroverde toen definitief een plek in de harten der Japanners.

Sindsdien is de bloesem alomtegenwoordig in de Japanse maatschappij. Hij krijgt een prominente rol toebediend in zowel volksliedjes als popsongs, duikt op in mangastrips, kunstwerken en films, siert kimono’s, vaatwerk, winkelgevels en geldstukken. Tijdens de Tweede Wereldoorlog prijkte hij zelfs op de flanken van de kamikazevliegtuigen, wier piloten soms takken van de boom meenamen op hun zelfmoordmissies. Het vallen van de kersenbloesem werd zo een metafoor voor de opoffering van de jeugd ter ere van de keizer. De regering verspreidde toen ook het geloof dat de ziel van gevallen strijders reïncarneerde in de weerkerende bloesems.

Bloesems versus oliebollen

Het moet gezegd, de maagdelijk witte, vijf blaadjes tellende bloesem van de Japanse sierkerselaar is ook écht indrukwekkend, zeker wanneer hij in grote getale valt te bewonderen zoals hier in het Maruyama Park. Het centrale gedeelte van het park lijkt wel één grote, honderden meters brede bloesemwolk. De ware schoonheid schuilt echter in de individuele bloesem, die de door de Japanners zo intens nagestreefde perfectie benadert. Hij wordt dan ook en masse gefotografeerd. Jong en oud proberen de bloesems hier voortdurend van zo dicht mogelijk en onder de juiste invalshoek te fotograferen. Volwassen mannen met statieven en knoerten van lenzen, de jeugd met een mobieltje. Tussendoor picknickt men op één van de vele plastieken zeilen die als een lappendeken onder de bomen zijn uitgespreid. De lege plekjes zijn hier zeldzaam. Vele bedrijven sturen ’s morgens al een collega voorop, die hier dan een hele dag op het zeil blijft zitten om een goede plek vrij te houden voor de picknick na het werk.

We bestellen iets wat lijkt op gefrituurde vleesballetjes en gaan aan de rand van een wandelweg zitten. De balletjes blijken Takoyaki’s te zijn, een specialiteit tijdens de kersenbloesemperiode. Ze bevatten verrassend genoeg geen vlees, maar octopus in een kaassausje. Vreemd, maar wel lekker. Ons verraste gezicht trekt de aandacht van een groepje jongeren dat even verder stevig zit door te drinken. Lachend reikt een van hen ons een beker bier aan. Met handen en voeten – de meeste Japanners spreken slechts enkele woorden Engels – probeer ik hem te vragen of hij in die staat nog van de bloesems kan genieten. Zijn lach wordt zo mogelijk nog breder. “Ik heb er vanmorgen al van genoten. In jouw toeristenboekje staat dat dit de periode is van hanami, maar wij noemen dit de periode van Hana yori dango, wat je kan vertalen door ‘Ik eet liever dango dumplings (nvda: zoete, geglazuurde deegballetjes op een stokje) dan kersenbloesems te bekijken.’ Kijk niet zo sip, we zijn echt wel gek van die bloemen hoor. Maar we zijn nog gekker van de feestjes die erbij horen.” Hij laat een naar Japanse normen luide lach schallen en schenkt me opnieuw bij. Morgen begint deze vrolijke bende aan een nieuw

PRAKTISCH

Bloesems

In Kyoto bloeien de kersenbloesems in normale omstandigheden gedurende één week tegen het einde van maart. De lengte en de periode van de bloei kan echter onder invloed van de weersomstandigheden sterk afwijken van dit gemiddelde. Nauwkeurige voorspellingen zijn te vinden op de website van het toerismebureau van Japan.

jnto.go.jp 

Ernaartoe

Je bereikt Tokyo of Osaka met een tussenstop vanuit Zaventem. Wij genoten van extra veel beenruimte en een snelle transfer in Helsinki met Finnair. In Japan zelf is het openbaar vervoer dermate stipt, uitgebreid en eenvoudig in gebruik, dat zowel toeristen als Japanners dit verkiezen boven een eigen auto of dure taxi’s.

Wie van plan is veel rond te reizen, kan haast niet zonder de Japan Rail Pass. Met dit voordelige treinabonnement spring je zo vaak je maar wil de lokale en interregionale treinen op, met uitzondering van de supersnelle Nozomi. De Japan Rail Pass is niet verkrijgbaar in Japan: je moet hem op voorhand bestellen bij een reisagentschap. Wij kochten het onze bij het Nederlandse reisbureau Tozai Travel en ontvingen het enkele dagen later al in de bus. Datzelfde reisbureau is trouwens één van de weinige spelers op de markt die individuele reizen op maat organiseert voor Japan. Handig voor wie geen zin heeft om het bijwijlen ingewikkelde Japan zelf uit te stippelen.

finnair.com
japanrailpass.net
tozai.nl

Overnachten

Westers
In elke Japanse stad die naam waardig vind je business hotels. Zoals de naam al laat vermoeden, richten deze hotels zich voornamelijk op Japanse zakenlui die meer oog hebben voor efficiëntie dan voor gezelligheid. De kale kamers in Westerse stijl zijn verrassend goedkoop, en zijn bijgevolg ook erg in trek bij backpackers.

apahotel.com

Sluit je een dagje stappen door Kyoto liever wat luxueuzer af, dan klop je best aan bij het Hyatt Regency Hotel. Dit hotel is nationaal vermaard om zijn uitstekende wellnessbehandelingen en herbergt een van de lekkerste Japanse restaurants in de stad, met zicht op een prachtige zentuin.

hyatt.com

Japans
Ryokans zijn kleine familiepensionnetjes. Ze bieden reizigers een blik in het dagelijkse gezinsleven. Je vindt ze overal in de stad. Opgelet, in de meeste ryokans slaap je op een traditionele tatami- mat op de grond. Die smalle matten liggen overigens veel comfortabeler dan je op het eerste zicht zou geloven.

ryokancollection.com

Een ander typisch Japans fenomeen zijn de zogenaamde capsulehotels. Hier slaap je in kleine nissen in de muur, die net groot genoeg zijn voor een matras en die worden afgesloten met een gordijn. Een aparte belevenis die we je ten zeerste kunnen aanraden, maar niet voor meer dan een nacht.

ninehours.co.jp